Economische mythen, doorprikken en zand erover

 

Doorprikken en zand erover

Er is een recessie, of moeten we het een crisis noemen? Gelukkig hebben we in Zalm een heel slimme minister van financiën. Sinds Keynes begrijpen vrijwel alle economen dat een tekort op de rijksbegroting (eigenlijk op de rekening) goed is tegen werkloosheid, door de gecreëerde extra effectieve vraag. Een tekort van 10% zou beter zijn dan een van 3%, maar dat mag beslist niet gezegd worden. Gelukkig dat Duitsland en Frankrijk een flink tekort hebben, want die tekorten hebben hier een bijna even weldadige invloed als eigen tekorten. Natuurlijk heeft een goede econoom als Zalm dat alles in de gaten. Hij weet echter dat de volkswijsheid om in slechte tijden samen de broekriem aan te halen het heel goed doet. Daarmee krijg je nu iedereen mee, anders dan in tijden van voorspoed. Wil je de eeuwige tekorten op de begroting eindelijk eens kwijt, evenals de daarbij horende rentelasten, dan moet je daar vooral nu aan werken, al werkt dat nog zo procyclisch.

De werkloosheid in Duitsland in de jaren dertig verdween door de forse staatsuitgaven aan bewapening en autosnelwegen van het Hitler-regime. In een normaal land leidt zo’n vergroting van de vraag snel tot een forse inflatie. In nazi-Duitsland werden te hoge looneisen direct onderdrukt met verwijzing naar een concentratiekamp. Dat kan bij ons gelukkig niet.

De nodige vraagvergroting zal er wel weer eens komen, bijvoorbeeld door een grotere woningbouwstroom. Ondertussen zitten onze werklozen met de gebakken peren. Geen werk, geen normaal inkomen. Meer Melkertbanen, bijvoorbeeld, zouden de slechte kanten van de depressie bestrijden. Het middel van de overheid is echter druk vergroten op werklozen om meer soorten werk te accepteren. Minder werkloosheid moet je daar natuurlijk niet van verwachten. De vraag naar goederen schiet immers tekort en niet het aanbod van arbeid. Mogelijk zouden we wat op kunnen steken van de werkloosheids-bestrijding in de stad Leipzig, waar  een soort stadsbedrijf iedereen aanneemt om er te werken. 

De wenselijkheid van een snelle vergroting van de Europese Unie is ook zo’n mythe. Het is voor onze Westerse landen van levensbelang dat andere landen even welvarend worden als de onze. Meer handel en minder immigratiedruk (helaas ook extra kooldioxide-uitstoot) zouden daar immers bijhoren. Dat alles betekent niet dat alle landen morgen lid moeten worden van de Europese Unie. Dat zou bestuurlijk onmogelijk zijn. Associatieverdragen en uitbreiding van het Eurogebied zouden heel wat meer voor de hand liggen. Snelle uitbreiding van de Europese Unie zal wel een snelle explosie van de Unie opleveren, of wordt het een implosie? Dat hebben we ook bij de fusies in het bedrijfsleven al kunnen waarnemen.

Mythen dus op nationaal en internationaal niveau. Moeten economen die bestrijden? Welnee, zo blijft er nog wat over wat alleen de insiders begrijpen: Eichel, de Duitse minister van financiën die geniet van de pressie van Zalm, waarmee hij zijn eigen huishoudboekje iets makkelijker in orde kan houden. Zalm die geniet van Franse en Duitse tekorten omdat hij weet dat ze de problemen ook in ons land verlichten, en tegelijk de ergernis over elkaar omdat de anderen zich niet aan de geschreven regels houden, of aan de ongeschreven regels van de beleefdheid: bemoei je niet al te openlijk met elkaars gebreken. En ondertussen weten ze allemaal dat de ander weet dat zij weten dat het anders is dan ze zeggen dat het is. Laten we er maar niet meer over spreken. Het leven is te ingewikkeld, ook als je het niet of juist wel begrijpt. Doorprikken van mythen is maar even leuk. Dus zand erover.

Reacties