Erven en gelijke kansen

 

Erven en gelijke kansen

Erven is een natuurlijk proces. Dat geldt voor alle organismen. We erven een woonplaats van de vorige generatie. Een geërfd territorium kan overigens wel weer afgepakt worden door krachtige andere organismen. Bij mensen zie je zulke eigendomsverschuivingen bijvoorbeeld in Klein-Azië, waar de Turken de Grieken verdreven. Andere gebieden met nieuwe eigenaren zijn bijvoorbeeld Noord- en Zuid-Amerika, Palestina en Oost-Pruisen.

Meestal is de nieuwe bezitter niet tot teruggave aan een vorige bezitter bereid. Volkeren verkrijgen vaak rechten door ze te pakken. Op individueel niveau gaat dat soms ook zo, maar meestal moet je er wel voor werken om bezit te krijgen. Veel mensen ploeteren en sparen om hun kinderen wat na te laten. Die kinderen profiteren daar dan van. Veel kinderen hebben een voorsprong op kinderen die minder hebben geërfd. Voor andere kinderen is een erfenis een belemmering om zelf actief te proberen wat extra’s te bemachtigen van het Nationale Inkomen en Vermogen. Relatieve armoede kan leiden tot extra activiteit en agressiviteit. Dat geldt zowel voor volkeren als voor individuen.

Erven kan overigens alleen als er sprake is van bezit. Er zijn mensen die vinden dat grond nooit individueel bezit kan en mag zijn. Dat is een opvatting die past bij een nomadische samenleving zoals die van de Noord-Amerikaanse Indianen en bij Bosjesmannen vòòr de Europese invasie. Het hele land was voor hen een gebied van jagen en verzamelen. Alles was voor wie het pakte. Niemand was eigenaar van jachtgrond. De conflicten tussen de verdreven nomaden in Zuid Afrika en de sedentaire bevolking zijn mooi beschreven door Laurens van der Post. Grond geen particulier bezit? In het land van Leeghwater past die opvatting al helemaal niet. Elke vierkante meter is hier aan de natuur ontworsteld. Maar vertel dat maar eens aan de krakers, de bezitlozen. Wie niets bezit wil zich ook een eigen plek veroveren.

Zelfs zonder individuele inspanningen erven wij allen toch veel van de vorige generatie. Die erfenis bestaat uit de infrastructuur van ons land, de fysieke en de geestelijke. Veel mensen menen dat kinderen van arme mensen gelijke kansen moeten hebben als die van rijkere exemplaren. Je zou kunnen zeggen dat dit een gelijke erfenis betekent. Daarmee veroordeel je ook de inspanning van ouders om hun kinderen iets extra mee te geven. Of is dat nu juist het nadeel van die rijkeluiskinderen?

Neem nu een geval als Duitsland na de tweede wereldoorlog. Het land was voor een groot deel vernield. Maar dertig jaar later hoorde het weer bij de rijke landen. Dat was niet alleen door hulp van de VS (Marshall-hulp), maar bovenal door de geërfde kennis en het organisatievermogen die nog steeds aanwezig waren. Veel ontwikkelingslanden uit diezelfde periode waren minder vernield en zijn toch nog steeds armer dan Duitsland.

Geërfd vermogen. Ook kennis is vermogen, menselijk kapitaal. Geërfde kennis is belangrijker dan geërfde goederen. Veel spullen kun je relatief makkelijk maken. Overnemen van kennis van de vorige generatie vereist wel nog eigen inspanning.

Gelijke kansen. De uitdrukking suggereert dat we allemaal een kaartje in de loterij van het leven krijgen en dat de notaris balletjes op moet gooien om de prijzen te verdelen. Epke Zonderland leerde ons vliegen. Wij, gewone mensen krijgen niet de kans om ooit zulke prestaties te leveren aan de rekstok. We zijn daar lichamelijk en geestelijk niet geschikt voor.

Erven is natuurlijk en mooi. Afpakken is wel natuurlijk, maar minder mooi. Gelijke kansen…. het klinkt fraai. Een holle kreet voor wie in het binnenland van Afrika is geboren.

Gun een ander ook wat. Dat lijkt een redelijk gebod. Gelijke kansen, iets voor de Staatsloterij.

Oosterbeek, augustus 2021

Reacties